Ga naar de inhoud
Zoeken

Liever een boete

 

Na negen uur ’s avonds niet meer naar buiten mogen. Maar één persoon op bezoek. De strenge coronamaatregelen zijn voor veel mensen vervelend. Maar als er thuis een crisis is, zijn de maatregelen extra zwaar.

“We zitten er helemaal doorheen” antwoordt moeder als ik vraag hoe het gaat. Tranen stromen en maken vlekken in haar mondkapje. “De dagen zijn één grote soep” snikt moeder. “Het is een voortdurende strijd tussen structuur en slaap. Voor mij is structuur essentieel. Maar op het moment dat de wekker om 7.00 uur afgaat ga ik niet opstaan als allebei de kinderen net eindelijk slapen. Ik ben dag en nacht in touw met de oudste, een echte peuterpuber. Het duurt ’s avonds uren voordat ze eindelijk slaapt. En als ze dan eindelijk slaapt wordt ze ’s nachts weer wakker als de baby huilt. En dan hebben we in het holst van de nacht twee krijsende kinderen. Mijn man is dag en nacht bezig met de baby. De baby huilt eigenlijk helemaal niet zoveel. En toch denk ik telkens als ze huilt, nee, niet huilen. Ik kan er niet van genieten.” Ik voel met moeder mee. “Ik ben ook bang dat het de komende tijd niet goed met me zal gaan.” Moeder legt uit wat ze hiermee bedoelt: “Na de vorige zwangerschap zat ik niet lekker in mijn vel, anderen zeiden dat ik misschien een depressie had. Ik ben bang dat ik dat nu weer ga krijgen.” 

Ik vraag na hoe het netwerk is van ouders. Zijn er familieleden of vrienden die wat kunnen helpen. De huilpiek die een heel aantal baby’s doormaken tussen de 6 en de 8 weken kan fors zijn. Een helpende omgeving is dan essentieel om de periode door te komen. “Wij hebben zeker familieleden die willen en kunnen bijspringen” zegt moeder “Maar het is nu wel heel vervelend dat er maar één iemand per dag langs mag komen om te helpen” moeder haalt haar neus op.

Een week later bel ik met de kinderarts over dit gezin. De baby is door de huisarts doorverwezen naar de kinderarts om een lichamelijke oorzaak van het huilen uit te sluiten. Bij negentien van de twintig huilende baby’s wordt geen lichamelijke oorzaak gevonden voor het huilen. Ook deze baby is gezond. “Ik begreep dat jullie ouders al begeleiden. Kunnen jullie ouders verder begeleiden?” vraagt de kinderarts mij. “Mijn collega jeugdverpleegkundige is inderdaad ouders al aan het begeleiden. Ze kan eigenlijk maar drie keer extra contact hebben met ouders. Ik hoop dat deze drie keer voldoende zijn voor deze ouders”. Meestal is de begeleiding van drie keer voldoende, maar als dat niet zo is, is het altijd erg zoeken welke hulp dan ingezet kan worden. Het mooiste is natuurlijk dat de ondersteuning van de jeugdverpleegkundige kan worden uitgebreid tot zoveel als nodig is. Maar dat is nu niet zo. Immers jeugdverpleegkundigen zijn zeer ervaren en kundig op dit onderwerp. Buiten coronatijd is het lastig welke hulp ingezet kan gaan worden als de extra ondersteuning vanuit de jeugdverpleegkundige niet voldoende is. En in coronatijd is dat nou niet bepaald gemakkelijker. 

Ik denk terug aan het gesprek met moeder vorige week: “Gisterenavond begon ze net na negen uur ’s avonds keihard te krijsen. Waar ze altijd rustig van wordt is rondjes rijden in de auto. Maar ja, dat mag nu niet meer.” Moeder kijkt naar beneden. “Maar mijn man is wel met haar gaan rijden” fluistert ze vervolgens. “Liever een boete van 95 euro dan een krijsend kind” zegt ze. De lockdown is voor mensen pittig. Maar voor een gezin met twee jonge kinderen is het extra pittig. 

Rosanne van der Lugt, jeugdarts