Kinderwens of niet? ‘Nu Niet Zwanger’ helpt bij keuze

Met het programma ‘Nu Niet Zwanger’ en de ‘Keuzehulp bij onbedoelde zwangerschap’ ondersteunt GGD regio Utrecht (GGDrU) vrouwen en mannen in de vruchtbare leeftijd die vragen hebben over zwangerschap en kinderwens. Verpleegkundige Kiki Mulder, inhoudelijk coördinator van Nu Niet Zwanger en hulpverlener bij de ‘Keuzehulp bij onbedoelde zwangerschap’, begeleidt cliënten én professionals: “Het gaat nooit om wat wij vinden. Het gaat erom dat mensen inzicht krijgen in wat zij zelf willen.”

Nu Niet Zwanger helpt vrouwen en mannen om een onbedoelde zwangerschap te voorkomen. We richten ons op mensen die op dat moment in kwetsbare situaties leven. Dat doen we via zorg- en hulpverleners, omdat zij al contact hebben met deze doelgroep. Dáár ligt dus een enorme kans.”

Kwetsbare situaties

“We spreken bewust over kwetsbare situaties. Dat kunnen psychische problemen zijn, dakloosheid, verslaving, schulden, relatieproblemen of net een bevalling achter de rug. Iedereen kan in zo’n fase terechtkomen. Juist dan is de vraag ‘Wil ik nu een kind?’ belangrijk. Maar veel mensen staan daar niet bij stil, zeker niet als het leven chaotisch is. Wij helpen hen om regie te nemen: wil ik een kind, wanneer, en onder welke omstandigheden?”

Eén op de vijf vrouwen in Nederland krijgt ooit te maken met een onbedoelde zwangerschap. “Dat gebeurt in iedere laag van de samenleving. Het verschil is dat iemand die stabiel leeft vaak nog kan zeggen: ‘het was onverwacht, maar welkom’. In een kwetsbare situatie kan dat veel ingewikkelder zijn.”

Alle handen omhoog

“Tijdens presentaties vraag ik altijd: ‘wie heeft weleens te maken gehad met een cliënt met een onbedoelde zwangerschap?’ Bijna alle handen gaan omhoog. En als ik vraag wie weleens denkt: ‘als hier maar geen kind geboren wordt’, steekt meer dan de helft de hand op. Professionals herkennen het probleem, maar vinden het lastig om het gesprek aan te gaan. Het voelt snel te persoonlijk of te direct.

Maar het gaat om hoe je het vraagt. Als je zegt: ‘Wat zou het voor jou betekenen als je nu een kind krijgt?’, zonder oordeel, ontstaat er meteen ruimte. Mensen voelen zich serieus genomen. Vaak zijn ze juist opgelucht dat iemand het onderwerp benoemt.

We zijn in de zorg heel erg in hokjes gaan denken, vraaggericht: de patiënt komt met een klacht en die klacht moet worden opgelost. Maar juist in dat contactmoment ligt vaak een uitgelezen kans om breder te kijken.

Open gesprek

“Door te beginnen bij de kinderwens – en niet meteen bij anticonceptie – blijft het gesprek veel opener en minder normatief. Als iemand géén kinderwens heeft, praat je over zwangerschap voorkomen. Als iemand wél een kinderwens heeft, kijk je samen naar wat er nodig is: medicatie, begeleiding, of simpelweg foliumzuur en vitamine D.

Een kinderwens ontslaat je als hulpverlener niet van de verantwoordelijkheid om door te vragen. Doorvragen blijft belangrijk: Hoe zie je een kind voor je? Wat gun je dat kind? Wat heb je nodig om dat te kunnen bieden? Die vragen zijn niet sturend, maar verdiepend. De keuze ligt altijd bij de cliënt. Het doel van ‘Nu Niet Zwanger’ is niet om mensen ergens van te overtuigen. Belangrijk is dat mensen inzicht krijgen in wat zij zelf willen.”

Zingeving en identiteit

“De kinderwens is een fundamenteel thema. Het raakt aan zingeving en identiteit. Door te vragen naar kinderwens kom je vaak snel bij de kern. Dat geldt voor jongeren, maar net zo goed voor ouderen. Soms zit achter een sterke kinderwens iets anders: behoefte aan veiligheid, liefde of erbij willen horen. Door het gesprek aan te gaan, wordt die laag zichtbaar. Toch is vragen naar een kinderwens vaak taboe. En opvallend genoeg is dat taboe vaak groter bij hulpverleners dan bij cliënten. Cliënten ervaren het gesprek bijna nooit als ongemakkelijk.”

Achtervang

“Wij ondersteunen professionals met trainingen, themabijeenkomsten, intervisie en casuïstiekbesprekingen. Soms nemen we gesprekken over als een cliënt dat fijner vindt. We zijn echt een achtervang. We helpen bij het maken van anticonceptiekeuzes en regelen die praktisch. We vergoeden anticonceptie voor mensen die het niet kunnen betalen, zoals jongeren, ongedocumenteerden en mensen zonder inkomen. Een spiraaltje kost bijvoorbeeld al snel 170 euro. Dat mag geen reden zijn om geen bescherming te gebruiken. Wij regelen recepten, werken samen met artsen en zorgen dat het praktisch wordt uitgevoerd.

Die combinatie van inhoud en praktijk is onze kracht. We doen huisbezoeken, dienen zo nodig een prikpil toe en kopen anticonceptiemiddelen in. Zo ontlasten we hulpverleners en helpen we cliënten verder.”

Basisvoorziening

Nu Niet Zwanger ontstond in 2014 toen een verpleegkundige werd geconfronteerd met een dakloze, verslaafde vrouw die opnieuw onbedoeld zwanger was. Niemand had haar ooit gevraagd of ze zwanger wilde worden. Inmiddels wordt het programma landelijk uitgevoerd en doen bijna alle gemeenten mee. In onze regio is het een basisvoorziening in wording.

Kosten-batenanalyses laten zien dat het programma zich ruimschoots terugverdient. Langdurige anticonceptie bespaart enorme kosten in het sociaal domein, los van het voorkomen van medisch en menselijk leed.

Naast ‘Nu Niet Zwanger’ bieden we nu ook de ‘Keuzehulp bij onbedoelde zwangerschap’. Dit is voor vrouwen die onverwacht zwanger zijn en twijfelen over hun opties. Veel vrouwen denken dat ze geen keuze hebben, door religie, cultuur of druk van hun omgeving. Wij geven informatie, begeleiden het denkproces en laten zien welke mogelijkheden er zijn. In een tijd van desinformatie en vrouwenrechten die onder druk staan, is dat essentieel. De GGD draagt bij aan het wegnemen van barrières in toegang tot informatie en zorg.

De gesprekken die ik voer op cruciale momenten in het leven van mensen geven mij veel voldoening. Wat mij het meest raakt, is de schuld en schaamte die vrouwen voelen. Als iemand zegt: ‘ik voel me gezien en ik sta achter mijn keuze’ weet ik weer waarom ik dit werk doe.”

Keuzehulp bij ongewenste zwangerschap
“Weloverwogen keuze geeft rust”

De keuzehulp bij ongewenste zwangerschap is ingericht volgens het stepped-care-principe, aldus Latour-Oldenhof, specialist ongewenste zwangerschap en teamleider. “Dat betekent dat ondersteuning in gradaties wordt aangeboden, afhankelijk van de behoefte.”

De eerste stap bestaat uit laagdrempelige, feitelijke informatie. Via de Fiom-website vinden jaarlijks veel mensen uitleg over de mogelijkheden bij een onbedoelde zwangerschap, medische aspecten en ervaringsverhalen.

De tweede stap is een gratis online keuzehulpmodule waarmee mensen zelf gedachten en gevoelens kunnen ordenen. Voor wie behoefte heeft aan meer verdieping is er een gratis online keuzehulpmodule waarmee mensen zelf gedachten en gevoelens kunnen ordenen.

“Voor een groot deel van de mensen is deze online informatie genoeg,” aldus Latour-Oldenhof. “Maar er is ook een groep die behoefte heeft aan persoonlijk contact. Voor hen is er de mogelijkheid van een keuzehulpgesprek.”

Stap 3 is een keuzehulpgesprek met speciaal opgeleide professionals, vaak sociaal verpleegkundigen bij de GGD. “Een tot drie gesprekken, zonder richting te geven aan de uitkomst. De keuze ligt altijd bij de vrouw”, aldus Latour-Oldenhof. De gesprekken zijn sinds 2018 gratis.

Tot 2012 voerde Fiom deze gesprekken zelf; daarna kwam de uitvoering bij regionale aanbieders te liggen. Fiom ontwikkelde zich tot landelijk kennis- en opleidingscentrum en ondersteunt nu 80–85 hulpverleners met opleiding, intervisie en nascholing. De betrokkenheid onder deze professionals is groot. “Zij ervaren dit werk als intens, maar ook als bijzonder betekenisvol,” zegt Latour-Oldenhof. “Je begeleidt iemand op een moment dat het leven even stilstaat. Dat vraagt om deskundigheid én zorgvuldigheid.”

Het begint met luisteren

Uit het onderzoek ‘Het begint met luisteren’ van Fiom, Amsterdam UMC, Rutgers, UMC Groningen en de Universiteit Utrecht, blijkt dat cliënten zeer tevreden zijn, maar dat het aanbod vaak niet goed vindbaar is. Veel mensen ervaren het aanbod als versnipperd en weten niet waar zij terecht kunnen. Huisartsen mogen de abortuspil voorschrijven, maar doen dit in de provincie Utrecht nog te weinig.

Daarom liggen vooral in de eerstelijnszorg belangrijke kansen, meent Latour-Oldenhof. “Ongeveer 80 procent van de vrouwen meldt zich eerst bij de huisarts. Als die ruimte biedt voor een gesprek en kennis heeft van keuzehulp, kan dat enorm helpen.”

In 2024 werden ongeveer 1.800 keuzehulptrajecten geregistreerd. Zo’n 75 procent van de cliënten meldde zich vóór de negende zwangerschapsweek. De grootste groep is 25-35 jaar, in lijn met landelijke cijfers.

Doordat GGDrU nu keuzehulpverlening en vanaf het voorjaar psychosociale nazorg na abortus aanbiedt, wordt de zorg beter vindbaar. Dankzij het brede netwerk binnen zowel het sociale als het medische domein, bereikt GGDrU een grote en diverse groep mensen, ook degenen die de weg naar zorg moeilijk vinden.