Ga naar de inhoud Ga naar het zoeken Ga naar het footermenu 
Zoeken

Taken

 

De wettelijke opdracht van de regionale gezondheidsdienst (GGD regio Utrecht) is het uitvoeren van de bij of krachtens de Wpg aan de colleges van burgemeester en wethouders opgedragen taken (art. 14 lid 1 Wpg). Het gaat expliciet om uitvoering van collegebevoegdheden.  

Bevoegdheden van de gemeenteraad uit de Wpg worden niet ondergebracht in GGDrU (in casu het vaststellen van de nota gemeentelijk gezondheidsbeleid). Dat kan ook niet, want de gemeenschappelijke regeling wordt conform wet gesloten door de colleges van burgemeester en wethouders (art. 14 lid 1 Wpg). Bij een gemeenschappelijke regeling die uitsluitend gesloten is door colleges van burgemeester en wethouders mogen geen raadsbevoegdheden worden overgedragen, ook niet vrijwillig (art. 30 lid 1 Wgr).  

Taken in de Wpg 

De algemene taak van het college is het bevorderen van de totstandkoming en de continuïteit van en de samenhang binnen de publieke gezondheidszorg en de afstemming daarvan met de curatieve gezondheidszorg en de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen (art. 2 lid 1 Wpg).  
 
GGDrU voert dit voor de colleges uit en zorgt daartoe in elk geval voor: 

Regionale gezondheidsdienst 

Hoofdregel is dat de regionale gezondheidsdienst, in casu GGDrU, al deze Wpg-taken van de colleges uitvoert (art. 14 lid 1 Wpg). De prenatale voorlichting en het grootste deel van de jeugdgezondheidszorg moeten in beginsel ook regionaal worden opgepakt, tenzij het college van burgemeester en wethouders anders beslist (art. 14 lid 4 Wpg). 

Taken op grond van andere wetgeving 

In de Wet kinderopvang zijn ook taken opgenomen die de GGD moet uitvoeren.  

In artikel 1.61 Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen staat dat het college van B&W de directeur van de GGD (= de Directeur Publieke Gezondheid) als toezichthouder ten aanzien van de kwaliteit van kindercentra, de voorzieningen voor gastouderopvang en gastouderbureaus aanwijst.